Een klein lichtschijnsel blijft aan de geslepen glazen hangen. Rondom zinkt de kamer weg in diep bruin en zwart. Gustave Caillebotte toont zijn moeder en zijn broer René tijdens het avondeten in het Parijse familieappartement in de Rue Miromesnil. De twee praten niet met elkaar, ieder gaat zijn eigen gang; een dienstmeisje staat achter de gedekte tafel. Karaffen, schalen en bestek vormen een compact stilleven op de voorgrond; hun weerspiegelingen geven structuur aan het donkere vlak. Twee lichte gordijnen openen de ruimte naar achteren en geven de compositie haar ritme; rechts zorgt het rode tapijt voor een krachtig accent. Caillebotte schildert deze scène in 1876. Hij behoort tot de kring van de impressionisten, maar streeft vaak naar een strakkere ruimtelijke ordening dan veel van zijn medestanders. Hier interesseert hem geen maatschappelijke gelegenheid; hij bekijkt het burgerlijke dagelijkse leven in zijn eigen huis. Juist het ontbreken van een handeling spreekt mij aan: het is slechts een gezamenlijke maaltijd, en toch ontstaat de indruk van een korte blik in een privéleven dat zich nauwelijks bewust is van zijn observatie.
Dit werk hangt in het formaat 69 x 48 cm op het doek ‘Leonardo’ met een satijnachtig oppervlak. De lichte glans speelt bij dit donkere motief een verrassend belangrijke rol. Boven de grote karaf naast de hand van René zit een brede reflectie, die zacht blijft en de gedrukte contouren eronder laat doorschijnen. Ook op het zwarte tafelkleed verschijnt geen harde lichtvlek; in plaats daarvan trekt er een matte glans over de glazen en borden. Dit sluit aan bij Caillebottes eigen lichtvoering, zonder deze met een extra glasplaat te bedekken. Afhankelijk van de kijkhoek komen afzonderlijke delen even naar voren en zinken dan weer terug in de diepe duisternis - juist deze afwisseling brengt de verder zeer rustige scène tot leven. Ava omlijst het doek direct, zonder passe-partout. Het brede gouden profiel is in verschillende niveaus onderverdeeld: op de gewelfde vlakken wordt het licht sterker opgevangen, in de smalle verdiepingen wordt het gebroken. Van dichtbij gezien lijkt de lijst daarom minder glad dan het frontale aanzicht aanvankelijk doet vermoeden. De zichtbare gouden rand aan de binnenkant vormt een duidelijke afbakening rond het schilderij.
Boven het rode tapijt blijft het gesatineerde oppervlak vrijwel reflexvrij; pas bij de karaffen in het midden van de tafel verdicht het licht zich weer tot een heldere sluier. Zo blijft uiteindelijk precies dat hangen wat de foto zo bijzonder maakt: een heel gewoon avondmaal, waar je langer naar kijkt dan eigenlijk zou mogen.