| Geboren | 29 augustus 1780 (Montauban) |
| Overleden | 14 januari 1867 (Paris) op 86-jarige leeftijd |
| Nationaliteit | Frankrijk |
| Epochen | Romantiek, Classicisme |
| Genre | historieschilderkunst, portret, naakt |
| Beroep | kunstschilder, politicus, tekenaar, graficus, architect, architectonisch tekenaar |
| Familie | Vader: Jean-Marie-Joseph Ingres Huwelijkspartner: Delphine Ramel |
| Leermeester van | Jacques-Louis David, Joseph Guillaume Roques, Jean Suau |
| Leerling | Jules Breton, Théodore Chassériau, Hippolyte Flandrin, Louis Janmot, Alexandre Desgoffe, Firmin Salabert, Paul Jean Flandrin, Henri Lehmann, Frédéric Peyson, Alfred Stevens, Joseph Guichard, Étienne François Haro, Pierre Grivolas, Eugène André Oudiné, Jules-Claude Ziegler, Aliakbar Mozayyan-o-Dolleh |
| Beïnvloed door | Raffael |
| Lidmaatschappen | Académie des beaux-arts |
| Bekende werken | Die große Odaliske (1810), Die Quelle (1856), Das türkische Bad (1862), Die Badende von Valpençon (1808), Napoleon I auf seinem kaiserlichen Thron (1806) |
| Musea | Metropolitan Museum of Art, Art Institute of Chicago, J. Paul Getty Museum, KMSKA Antwerpen, Amsterdam Museum |
Jean-Auguste Dominique Ingres wordt geboren als eerste kind van een artistiek creatieve vader. Zijn vader liet hem al op jonge leeftijd kennismaken met kunst en bood Jean-August de mogelijkheid om zijn hand op de schilderkunst te zetten. Ingres gebruikt het atelier van zijn vader en maakt op tienjarige leeftijd zijn eerste portretten en kopieert oude schilderijen. Hij nam ook de conservatieve kunststijl van zijn vader over. De logische stap uit zijn jeugd was het bijwonen van de École des Beaux-Arts in Parijs. Al bij het begin van zijn activiteit als schilder won Ingres de vermaarde Prix de Rome. Helaas was hij niet in staat om aan de daaruit voortvloeiende verwachtingen te voldoen. Ingres durfde de stap te zetten van de zuivere weergave naar de verwerking van zijn individuele indrukken in de schilderijen. De resultaten lieten dan vaak perspectief en anatomische onnauwkeurigheden zien.
Ingres maakt bij voorkeur portretten, historische werken en naakten. Hij schilderde het portret van Bonaparte als eerste consul voor de stad Luik. Napoleon werd een vaste uitvoerder van Ingres' schilderijen. De liefde van de kunstenaar was voor historische werken, de combinatie van religie en politiek was belangrijk voor hem. Zijn schilderijen over het leven en uiteindelijk de dood van Jeanne dArc laten dit aspect duidelijk zien in Ingres' werk.
Pagina 1 / 7
| Geboren | 29 augustus 1780 (Montauban) |
| Overleden | 14 januari 1867 (Paris) op 86-jarige leeftijd |
| Nationaliteit | Frankrijk |
| Epochen | Romantiek, Classicisme |
| Genre | historieschilderkunst, portret, naakt |
| Beroep | kunstschilder, politicus, tekenaar, graficus, architect, architectonisch tekenaar |
| Familie | Vader: Jean-Marie-Joseph Ingres Huwelijkspartner: Delphine Ramel |
| Leermeester van | Jacques-Louis David, Joseph Guillaume Roques, Jean Suau |
| Leerling | Jules Breton, Théodore Chassériau, Hippolyte Flandrin, Louis Janmot, Alexandre Desgoffe, Firmin Salabert, Paul Jean Flandrin, Henri Lehmann, Frédéric Peyson, Alfred Stevens, Joseph Guichard, Étienne François Haro, Pierre Grivolas, Eugène André Oudiné, Jules-Claude Ziegler, Aliakbar Mozayyan-o-Dolleh |
| Beïnvloed door | Raffael |
| Lidmaatschappen | Académie des beaux-arts |
| Bekende werken | Die große Odaliske (1810), Die Quelle (1856), Das türkische Bad (1862), Die Badende von Valpençon (1808), Napoleon I auf seinem kaiserlichen Thron (1806) |
| Musea | Metropolitan Museum of Art, Art Institute of Chicago, J. Paul Getty Museum, KMSKA Antwerpen, Amsterdam Museum |
Jean-Auguste Dominique Ingres wordt geboren als eerste kind van een artistiek creatieve vader. Zijn vader liet hem al op jonge leeftijd kennismaken met kunst en bood Jean-August de mogelijkheid om zijn hand op de schilderkunst te zetten. Ingres gebruikt het atelier van zijn vader en maakt op tienjarige leeftijd zijn eerste portretten en kopieert oude schilderijen. Hij nam ook de conservatieve kunststijl van zijn vader over. De logische stap uit zijn jeugd was het bijwonen van de École des Beaux-Arts in Parijs. Al bij het begin van zijn activiteit als schilder won Ingres de vermaarde Prix de Rome. Helaas was hij niet in staat om aan de daaruit voortvloeiende verwachtingen te voldoen. Ingres durfde de stap te zetten van de zuivere weergave naar de verwerking van zijn individuele indrukken in de schilderijen. De resultaten lieten dan vaak perspectief en anatomische onnauwkeurigheden zien.
Ingres maakt bij voorkeur portretten, historische werken en naakten. Hij schilderde het portret van Bonaparte als eerste consul voor de stad Luik. Napoleon werd een vaste uitvoerder van Ingres' schilderijen. De liefde van de kunstenaar was voor historische werken, de combinatie van religie en politiek was belangrijk voor hem. Zijn schilderijen over het leven en uiteindelijk de dood van Jeanne dArc laten dit aspect duidelijk zien in Ingres' werk.